Erasmushogeschool Brussel
Nijverheidskaai 170, B-1070 BRUSSEL
Tel. 02 523 37 37 - Fax 02 523 37 57
info@ehb.be
Actief leren10738/991/1213/1/32
Studiegids

Actief leren

10738/991/1213/1/32
Academiejaar 2012-13
Komt voor in:
  • Bachelor in het Onderwijs - Kleuteronderwijs, trajectschijf 1
Dit is een enkelvoudig opleidingsonderdeel.
Studieomvang: 3 studiepunten
Gewicht: 3,00
Totale studietijd: 90,00 uren
Mogelijke grensdata voor leerkrediet: 15.03.2013 (EƩnmalig georganiseerd, enkel in het tweede semester)
Dit opleidingsonderdeel wordt gequoteerd op 20 (tot op een geheel getal).
Tweede examenkans: niet mogelijk.
Tolereerbaarheid: Dit opleidingsonderdeel komt in aanmerking voor tolerantie onder de voorwaarden van de opleiding waarvoor je bent ingeschreven.
Behoudbaarheid: De quotering van dit opleidingsonderdeel is behoudbaar onder de voorwaarden van de opleiding waarvoor je bent ingeschreven.
Aard: Verplicht vak
Men kan dit opleidingsonderdeel niet volgen binnen een
  • examencontract (met het oog op het behalen van een creditbewijs).
  • examencontract (met het oog op het behalen van een diploma).
Docenten: DeWitte Pieter
Taalvak: Nee
Onderwijstalen: Nederlands
Kalender: Semester 2

Gestructureerde registratie van Handboeken, Syllabi, Softwarepakketten ..

Syllabus
Moduleboek Actief LerenVerplicht
  • Medium: Papier
  • Te koop via de verkoopdienst

Omschrijving Eindcompetenties

ALGEMENE GROEPSCOMPETENTIES + Teamgericht werken en leiding nemen: - Actief deelnemen aan groepsactiviteiten - Kan omgaan met afspraken en groepsrollen op zich nemen in een taakgestuurde omgeving, kan planmatig werken - Kan de rol van gespreksleider of voorzitter op zich nemen, en het groepsproces sturen, Geeft richting op het niveau van taken en de uitvoering daarvan - Geeft richting op het niveau van processen en structuren - Bijdragen aan het afleveren van het product van een groepstaak BEROEPSCOMPETENTIES 1.1.2 bij het bepalen van de beginsituatie rekening houden met de totale persoonlijkheidsontwikkeling van de leerling. 1.2.2 doelstellingen kiezen en formuleren, rekening houdend met de beginsituatie van de leerlingen en met de kenmerken en diversiteit van de groep; 1.2.4 waar er onderscheid is tussen basisdoelstellingen en uitbreiding, dat onderscheid motiveren op basis van de beginsituatie van de leerling, het leerplan in kwestie en het schoolwerkplan; 1.2.5 impliciete doelen die in leer- en opvoedingssituaties besloten liggen, expliciteren; 1.2.6 doelstellingen concreet en operationeel formuleren; 1.3.1 keuzes maken uit een gegeven aanbod, rekening houdend met de beginsituatie, de maatschappelijke relevantie, de beschikbare tijd en hulpmiddelen en met de kenmerken van het aanbod thuis; 1.4.1 het onderwijsaanbod opdelen in leerstappen, 1.4.3 leerinhouden en leerervaringen vertalen in een zinvol onderwijsaanbod dat aansluit bij de leefwereld en motivatie van de leerlingen, 1.5 De leerkracht kan aangepaste werkvormen en groeperingsvormen bepalen. De leerkracht kan: 1.5.1 aangepaste werkvormen kiezen en ze afstemmen op de doelstellingen 1.5.2 gepaste groeperingsvormen kiezen; 1.5.3 multimedia functioneel gebruiken; 1.6 De leerkracht kan individueel en in team leermiddelen kiezen en aanpassen. De leerkracht kan: 1.6.1 informatie over leermiddelen vinden, raadplegen en kritisch beoordelen, rekening houdend met de specifieke behoeften en kenmerken van de doelgroep; 1.6.2 indien nodig de leermiddelen aanpassen. De ondersteunende kennis omvat relevante bronnen om geschikte leermiddelen te vinden, evenals criteria om ze te beoordelen. 1.7 De leerkracht kan een krachtige leeromgeving creëren met aandacht voor de heterogeniteit binnen de leergroep. De leerkracht kan: 1.7.1 rekening houdend met de beginsituatie, en afhankelijk van de belangstelling en het verwerkingsniveau van de leerlingen, motiverende leeromgevingen ontwerpen die een reële kans op betrokkenheid en succesbeleving inhouden; 1.7.2 leeromgevingen ontwerpen die de mogelijkheid tot allerlei vormen van interactie bieden; 1.7.3 ICT functioneel integreren bij het ontwerpen van een krachtige leeromgeving; 1.7.4 de leerinhouden inbedden in authentieke situaties, die voor de betrokken leerlingen betekenisvol zijn én die representatief zijn voor nieuwe contexten waarin kennis en vaardigheden kunnen worden toegepast; 1.7.5 adequaat inspelen op wat zich voordoet in de feitelijke leeromgeving, en hij kan werken met de inbreng van de leerlingen; 1.7.6 het actief ontdekken en actief verwerken van leerinhouden bevorderen, onder meer door een beroep te doen op het probleemoplossende vermogen van de leerlingen; 1.7.7 de leerlingen laten nadenken over hun leerproces. De ondersteunende kennis omvat implicaties van diversiteit en de kenmerken van een krachtige leeromgeving, alsook van de rol van een aangepast taalgebruik daarin. 1.8 De leerkracht kan observatie en evaluatie voorbereiden. De leerkracht kan: 1.8.1 individueel en in overleg doelstellingvalide vragen, taken en opdrachten in diverse vormen kiezen en opstellen; 1.8.2 individueel en in overleg met collega's eenvoudige observatie-instrumenten kiezen; 1.8.3 de betekenis en plaats van evaluatievormen in het leerproces bepalen; 1.8.4 met ondersteuning beoordelingscriteria bepalen om de vorderingen van de leerling te beoordelen. 1.9.1 op permanente en systematische wijze gegevens verzamelen over het leer- en ontwikkelingsproces van de leerling, via toetsen, observaties, zelfevaluatiegegevens van de lerende en via gesprekken; 1.9.3 prestaties correct en objectief interpreteren en beoordelen; 1.9.4 leerprestaties en -vorderingen rapporteren en bespreken; 1.9.7 evaluatiegegevens aanwenden om het eigen didactisch handelen te evalueren en bij te stellen. 1.11.1 met zijn leerlingen doelgericht gesprekken voeren en daarbij een functioneel taalaanbod doen, functionele taalproductie stimuleren en er feedback op geven; 1.11.2 teksten beoordelen en mondeling toegankelijk maken door ze te bewerken op het vlak van taal en door een aangepaste didactiek; 1.11.3 vragen, opdrachten, evaluaties en feedback mondeling, indien nodig ondersteund met visuele of andere hulpmiddelen helder formuleren en herformuleren; 1.11.4 vragen, opdrachten, evaluaties en feedback schriftelijk helder formuleren indien nodig met visuele of andere ondersteuning; 1.11.5 een heldere uiteenzetting geven, met integratie van schriftelijke of andere ondersteuning, en alles, indien nodig, flexibel aanpassen; 1.11.6 expressief vertellen en voorlezen en dat flexibel aanpassen; 2.1 De leerkracht kan in overleg een positief leefklimaat creëren voor de leerlingen in de groep en op school. De leerkracht kan: 2.1.1 als teamlid meewerken aan het opbouwen van een positieve interactie met de leerlingen, waarbij hij ook de relatie tussen de leerlingen stimuleert en problemen in de groep bespreekbaar maakt; 2.1.2 ervoor zorgen dat leerlingen zich veilig en gewaardeerd voelen; 2.1.3 met respect voor eigenheid en diversiteit, sensitief en inlevend omgaan met de leerlingen; 2.1.4 zijn omgang met de leerlingen kritisch bevragen met het oog op een groeibevorderende relatie met elke leerling. De ondersteunende kennis omvat groepsdynamische en interactieprocessen en de eindtermen en ontwikkelingsdoelen voor sociale vaardigheden; zij omvat tevens de kenmerken van sociale ontwikkeling bij kinderen. 2.2 De leerkracht kan de emancipatie van de leerlingen bevorderen. De leerkracht kan: 2.2.1 de eigenheid van het individuele kind en van de sociale en culturele groepen herkennen, bespreekbaar maken en ermee omgaan met het oog op zelfontplooiing en integratie van de leerlingen; 2.2.2 het kind stimuleren tot mondigheid, zelfstandigheid, eigen initiatief en verantwoordelijkheid en participatie. De ondersteunende kennis omvat kennis van sociale en culturele realiteiten van kinderen. Tevens omvat zij de kennis van het ontstaan van beeldvorming en vooroordelen en van het omgaan daarmee. 2.3.1 een aantal conventies op het gebied van sociale omgang voorleven en leren toepassen; 2.6.4 zorg dragen voor het algemene welbevinden van de leerlingen. De ondersteunende kennis omvat de kenmerken van fysiek welzijn in het algemeen en van jonge kinderen in het bijzonder, en basisprincipes van eerstehulpverlening; zij omvat eveneens de basisinterventies bij frequent voorkomende gezondheidsproblemen. 4.1 De leerkracht kan een gestructureerd werkklimaat bevorderen. De leerkracht kan: 4.1.1 vaardigheden en aanpakwijzen van goed klasmanagement hanteren. De ondersteunende kennis omvat klasmanagement en leerbevorderende en –belemmerende factoren. 4.2.2 een timing respecteren en die indien nodig aanpassen; 4.4 De leerkracht kan een stimulerende en werkbare klasruimte creëren,rekening houdend met de veiligheid van de leerlingen. De leerkracht kan: 4.4.1 uitdagende en veilige speel-, leer- en werkvoorzieningen inrichten in een lokaal; 4.4.2 een klas aangepast, aangenaam en functioneel inrichten. De ondersteunende kennis omvat de kenmerken van stimulerende en veilige speel- of leervoorzieningen in een lokaal. 5.1 De leerkracht kan resultaten van onderwijsontwikkelingswerk en vernieuwende elementen aanwenden en aanbrengen. De leerkracht kan: 5.1.1 vernieuwende inzichten uit de opleiding in zijn onderwijspraktijk aanwenden; 5.2 De leerkracht kan kennisnemen van toegankelijke resultaten van onderwijsonderzoek die relevant zijn voor de eigen praktijk. De ondersteunende kennis omvat relevante en toegankelijke informatiebronnen van onderwijsonderzoek. 5.3 De leerkracht kan het eigen functioneren ter discussie stellen en bijsturen. De leerkracht kan: 5.3.1 de klaspraktijk vanuit reflectie op de eigen ervaringen bijsturen, onder meer door onder begeleiding eenvoudig praktijkgericht onderzoek uit te voeren. De ondersteunende kennis omvat vormen van reflectie op het eigen handelen en functioneren in de klas en op school en de kenmerken van een eenvoudig praktijkgericht onderzoek. 7.2 De leerkracht kan binnen het team over een taakverdeling overleggen en de afspraken naleven. De ondersteunende kennis omvat kennis van de functies en taken binnen een school. 7.5 De leerkracht kan in Standaardnederlands adequaat in interactie treden met alle leden van het schoolteam. De leerkracht kan: 7.5.1 doelgericht verschillende soorten gesprekken voeren afhankelijk van de klasen schoolcontext; 7.5.2 een korte, heldere uiteenzetting geven en daarbij flexibel gebruikmaken van ondersteuning in schrift en beeld; 7.5.3 doelgericht verschillende soorten korte teksten schrijven afhankelijk van de klas- en schoolcontext. De ondersteunende kennis omvat communicatiestrategieën voor taalgebruik in functionele situaties.

Omschrijving van de Doelstellingen van het opleidingsonderdeel

Je ontwerpt in kleine groep een eigen leernamiddag (van 100 minuten) die voldoet aan de criteria van actief leren. Onder het motto "leren is een feest" palmen we een basisschool in de buurt in. Elk groepje krijgt een klasje toegewezen waar zij hun leernamiddag ten uitvoer brengen.

Je werkt de leernamiddag uit op basis van een lesvoorbereidingsformulier van de opleiding. Dit geeft je de kans al je reeds verworven "lescompetenties" in deze leernamiddag te integreren. 

Je schrijft in groep een verhaal dat als belevingsactiviteit kan dienen in het begin van de leernamiddag.
Je ontwikkelt zinvolle leermiddelen voor de leerlingen.
Je gaat op zoek naar magie, activiteit, initiatief, werkelijkheidsnabijheid, afwisseling, leerenergie, uitdaging enzovoort om van je leernamiddag een leerfeest te maken.

Er zijn twee ploegen aan het werk. De ploeg van de voormiddag en de namiddagploeg. Dit geeft ons de kans om bij elkaar te observeren en elkaar evalueren op basis van de criteria.  Hierbij geeft je anderen feedback over hun leernamiddag. je brengt dit samen in de vorm van een puntenboek, gemaakt in excel, ondersteund met een brief.

Je reflecteert kritisch op je eigen functioneren in een zelfreflectie.
Je brengt samen wat je geleerd hebt over actief leren in een leerreflectie.

Omschrijving van de Inhoud van het Opleidingsonderdeel

AUTHENTIEKE BETEKENISVOLLE BEROEPSTAAK:
"Een actieve leerdag organiseren waarbij actief leren en taalactivering centraal staan, vertrekkende vanuit taalbeleving leidend tot leergebiedoverschrijdende leeractiviteiten."
• In kleine projectploeg van een 6tal studenten uit dezelfde opleiding (LKO of LLO)
• Voor een kleine groep kinderen
• Gedurende een halve dag
• Waarbij elke groep een ruimte toegewezen krijgt. Dit kan een klas zijn of een afgebakende ruimte in de overloop.
• Bestaande uit een leerdag van 100 minuten opgebouwd uit 1 belevingsactiviteit vertrekkende vanuit een verhaal én een reeks “actieve” leeractiviteiten die vertrekken vanuit de belevingsactiviteit en telkens aansluiten bij een ander leergebied. (Je kiest zelf al welke leergebieden best aan bod komen/ Je kiest zelf hoeveel activiteiten je groep aanbiedt /Je kiest zelf welke werkvormen je hiervoor kiest en hoe je dit wenst te organiseren.)
• Die beantwoordt aan de criteria van “actief leren”.

ONDERSTEUNENDE KENNIS
- De aanpak om actief leren te organiseren: activiteit, werkelijkheidsnabijheid, uitdaging, afwisseling, initiatief, sfeer
- Proceskenmerken van actief leren: hoge concentratie, doorzettingsvermogen en vastberadenheid, aan de grens van de eigen mogelijkheden, vol leerenergie vanuit een grondige exploratiedrang in de zone van de naaste ontwikkeling.
- Leereffect van actief leren: fundamenteel leren, kennisconstructie versus kennisreproductie, hoger orde leren.

ICT
“Elkaar evalueren op actief leren”
Eerst moet je met je projectploeg zelf criteria opstellen die je belangrijk vindt bij het organiseren van actief leren. Vervolgens maak je een observatie-instrument dat je doorgeeft aan een andere projectploeg (zie boven). Dit instrument moet verwerkbaar zijn in Excel. De andere groep evalueert zichzelf aan de hand van jullie instrument. Tot slot moet je de ingevulde formulieren terugkrijgen en verwerk je deze gegevens in Excel.

TAALVAARDIGHEID
- Voorbereiden en uitvoeren van een talige lesactiviteit in een basisschool.
- Uitgangspunt van deze activiteit is een verhaal dat de student in groep heeft geschreven.
- Voor kleuter bevat iedere sessie een sfeerschepping, een bewegingstussendoortje, een opvoedend spel en een lied. Voor lager hebben de studenten wat meer vrijheid. Maar taal staat natuurlijk centraal!"

Opsplitsing uren /onderwijswerkvorm

Hoorcollege1,00 uren
Onderwijsgroep7,00 uren
Practicum/ Atelier/ Studio - PrAtSt5,00 uren
Werkcollege7,00 uren
Leer- en evaluatietijd63,00 uren
Projectwerk2,00 uren
Stage5,00 uren

Gestructureerd overzicht van Evaluatiemomenten

Evaluatie(s) voor de eerste examenkans
MomentVorm%Opmerking
Buiten de examenwekenCollectief werkstuk40,00Centrale beroepstaak: Ontwikkelen van een actieve leernamiddag voor kinderen van het basisonderwijs. Hiervoor moeten beroepsproducten in groep en individueel uitgewerkt worden:Voorbereidend: lesvoorbereidingen en lesmaterialen.Uitvoerend: leermiddelen en inkledingEvaluerend: leerreflectie.
Buiten de examenwekenCollectief werkstuk10,00Taalvaardigheid:Mondeling: mondelinge bijdrage tijdens actieve leernamiddagSchriftelijk: Lesvoorbereiding belevingsactiviteit met uitwerking van een verhaal + talige uitwerking van de leeractiviteiten
Buiten de examenwekenCollectief werkstuk10,00ICT: Functionele toepassing van MS-office in teken van de beroepstaak.
Buiten de examenwekenPermanente evaluatie20,00AGC: Voor dit onderdeel is geen tweede zittijd mogelijk. Het punt hier behaald wordt meegenomen naar 2e zit.
Buiten de examenwekenSchriftelijk examen20,00Kennistoets
Evaluatie(s) voor de tweede examenkans
MomentVorm%Opmerking
Examenmoment augustus/septemberCollectief werkstuk40,00Centrale beroepstaak: Ontwikkelen van een actieve leernamiddag voor kinderen van het basisonderwijs. Hiervoor moeten beroepsproducten in groep en individueel uitgewerkt worden:Voorbereidend: lesvoorbereidingen en lesmaterialen.Uitvoerend: leermiddelen en inkledingEvaluerend: leerreflectie.
Examenmoment augustus/septemberCollectief werkstuk10,00ICT: Functionele toepassing van MS-office in teken van de beroepstaak.
Examenmoment augustus/septemberCollectief werkstuk10,00Taalvaardigheid:Mondeling: mondelinge bijdrage tijdens actieve leernamiddagSchriftelijk: Lesvoorbereiding belevingsactiviteit met uitwerking van een verhaal + talige uitwerking van de leeractiviteiten
Examenmoment augustus/septemberSchriftelijk examen20,00Kennistoets

Omschrijving Begeleiding

Bij de begeleider tijdens de moduledagen en na afspraak.

Bijkomende Kost

0.75

Volgtijdelijkheid

Op dit opleidingsonderdeel is er geen volgtijdelijkheid van toepassing.