Erasmushogeschool Brussel
Nijverheidskaai 170, B-1070 BRUSSEL
Tel. 02 523 37 37 - Fax 02 523 37 57
info@ehb.be
Stage en reflectie13987/873/1112/14264/58
Studiegids

Stage en reflectie

13987/873/1112/14264/58
Academiejaar 2011-12
Komt voor in:
  • Bachelor in het Onderwijs: Secundair Onderwijs 2 OV, trajectschijf 1
    Keuzeoptie:
    • wiskunde
Dit is een deel van het opleidingsonderdeel Wiskunde 1: Didactische praktijk (did. labo, vakdidiactiek, stage, reflectie).
Studieomvang: 3 studiepunten
Gewicht: 3,00
Totale studietijd: 75,00 uren
Mogelijke grensdata voor leerkrediet: 30.11.2011 (Eénmalig georganiseerd over het volledige academiejaar)
Dit deel van het opleidingsonderdeel 'Wiskunde 1: Didactische praktijk (did. labo, vakdidiactiek, stage, reflectie)' wordt gequoteerd op 20 (tot op een honderdste).
Tweede examenkans: 
niet mogelijk.
Aard: Verplicht vak
Docenten: Schatteman Anne
Onderwijstalen: Nederlands

Alle studiematerialen excl Handboeken en Syllabi: Verplicht

leerplannen
Cursus vakdidactiek
Vademecum
cursussen leraar worden ,cursus module 'Beroepspecifieke vaardigheden en attitudes', moduleboeken Algemene onderwijscompetenties
handboeken wiskunde secundair

Omschrijving Begincompetenties

- Goede beheersing van de getallenleer en de meetkunde van de eerste en de tweede graad SO.
- Zelfstandigheid in het bestuderen van nieuwe leerstof.
- hanteert een aangepaste vakdidactische lijn in de lesopbouw
- gebruikt het leerplan op een correcte manier bij het maken van de stagelessen
- gebruikt bronnen kritisch om leerinhouden te selecteren
Correcte mondelinge en schriftelijke Nederlandse taal

Omschrijving Eindcompetenties

Algemene Competenties
1.3. Zelfstandig en in groep, leer, en aanpakstrategieën ontwikkelen, ziet de essentie van een probleem, legt verbanden en vindt oorzaken, formuleert hypothesen en formuleert eigen mening terwijl de consequenties hiervan worden ingezien.
2.3 Zelfstandig en kritisch bronnen gebruiken, in functie van de beroepspraktijk efficiënt informatie kunnen opsporen vanuit de diversiteit van huidige beschikbare bronnen, verworven informatie adequaat verwerken en ter beschikking kunnen stellen van belanghebbenden in de beroepspraktijk
3.1 Consequenties formuleren bij het eigen functioneren (ook in groep) en de verworven leerinhouden
3.2 Verbanden leggen tussen datgene wat geleerd is, de persoonlijke ervaringen en het beroepsveld van de leraar
3.3 Is in staat op een eigen visie op onderwijs te formuleren en daarvan de consequenties in te schatten, inclusief het eigen professioneel handelen
5.2 Kan met alternatieve ideeën en oplossingen voor de dag komen, Is vernieuwend en origineel in zijn/haar aanpak
6.1 Kan de rol van gespreksleider of voorzitter op zich nemen, en het groepsproces sturen, Geeft richting op het niveau van taken en de uitvoering daarvan
7.1 Bewijs leveren van een goede taalvaardigheid, mondelinge redeneringen bondig en enthousiast weergeven, ICT-mogelijkheden benutten bij presentaties, Weet informatie, ideeën, problemen en oplossingen vlot en begrijpelijk te verwoorden.
7.2 ICT-mogelijkheden benutten op het web, informatie kunnen formuleren en presenteren voor een publiek en communicatie en interculturele interactie in twee richtingen kunne opbouwen,
7.3 In de beroepspraktijk op heldere wijze informatie, ideeën problemen en oplossingen communiceren langs de verschillende gangbare communicatiekanalen (mondeling en schriftelijk), Zich kunnen aanpassen aan verschillende ontvangers
8.1 Toont zich leer- en aanpassingsbereid met betrekking tot de eigen functie en situatie
8.2 Werkt zich in, in nieuwe materies die relevant zijn voor de eigen taak (b.v. nieuwe regelgeving, informaticatoepassingen, werkmethoden, …), Informeert zich over nieuwe evoluties met betrekking tot de eigen functie vakliteratuur, Past nieuwe richtlijnen, kennis, informatie en inzichten toe in de praktijk, Gaat na of/hoe nieuwe tendensen en ontwikkelingen in de eigen functie kunnen ingezet worden
8.3 Voortdurend verbeteren van het eigen functioneren en van de werking van een school, door de bereidheid om te leren en mee te groeien met veranderingen.

Algemene Beroepsgerichte Competenties
2. 1 Werkt gericht en actief aan het oplossen van probleemsituaties, ook vanuit voorkennis
2.2 Formuleert uitdagende (maar haalbare) oplossingen voor probleemsituaties en zet zich ten volle in om deze te bereiken, Werkt resultaatgericht bij het toepassen van oplossingsstrategieën en draagt dit uit naar de eigen omgeving
2.3 Kan zelfstandig oplossingen uitdenken en uitwerken bij probleemsituaties uit de beroepspraktijk.
3.1 Handelt correct en respectvol ten aanzien van zijn/haar omgeving en van de bestaande regels en afspraken
3.2 Brengt sociale en ethische normen in de praktijk, handelt integer in een veelheid aan situaties, ook in die waar geen eenduidige regelgeving voor bestaat
3.3 In praktijksituaties handelen vanuit de codes van sociale en ethische normen (diversiteit, interculturaliteit, rechtvaardigheid en pluralisme) en regels van gangbare (beroeps)deontologie. kan op verantwoordelijke wijze omgaan met praktijksituaties, medewerkers, werkgever in relatie tot de ruime maatschappelijk werkomgeving.
Basiscompetenties
1.1 De leerkracht kan de beginsituatie van de leerlingen en de leergroep achterhalen.
1.2 De leerkracht kan doelstellingen kiezen en formuleren.
1.3 De leerkracht kan de leerinhouden en leerervaringen selecteren.
1.4 De leerkracht kan de leerinhouden structureren en vertalen in leeractiviteiten.
1.5 De leerkracht kan aangepaste werkvormen en groeperingsvormen bepalen.
1.11 De leerkracht kan het leer- en ontwikkelingsproces adequaat begeleiden in Standaardnederlands en daarbij rekening houden met en gericht inspelen op de diverse persoonlijke en maatschappelijke taalachtergronden van de leerlingen.
2.1 De leerkracht kan in overleg een positief leefklimaat creëren voor de leerlingen in klasverband en op school.
2.2 De leerkracht kan de emancipatie van de leerlingen bevorderen.
2.3 De leerkracht kan door attitudevorming leerlingen op individuele ontplooiing en maatschappelijke participatie voorbereiden.
3.2 De leerkracht kan de verworven domeinspecifieke kennis en vaardigheden aanwenden.
3.3 De leerkracht kan het eigen vormingsaanbod situeren en integreren in het geheel van het onderwijsaanbod met het oog op de begeleiding en oriëntering van de leerlingen.
4.1 De leerkracht kan een gestructureerd werkklimaat bevorderen.
4.2 De leerkracht kan een soepel en efficiënt les- en dagverloop creëren, passend in een tijdsplanning vanuit het oogpunt van de leerkracht en de leerlingen.
4.3 De leerkracht kan op correcte wijze administratieve taken uitvoeren.
4.4 De leerkracht kan een stimulerende en werkbare klasruimte creëren, rekening houdend met de veiligheid van de leerlingen.
5.1 De leerkracht kan vernieuwende elementen en resultaten van onderwijsontwikkelingswerk aanwenden en aanbrengen.
5.2 De leerkracht kan kennisnemen van toegankelijke resultaten van onderwijsonderzoek en van vakdidactisch en vakinhoudelijk onderzoek.
5.3 De leerkracht kan het eigen functioneren ter discussie stellen en bijsturen.
7.2 De leerkracht kan binnen het team zowel vakspecifiek als vakoverschrijdend over een taakverdeling overleggen en de afspraken naleven.
7.3 De leerkracht kan de eigen pedagogische en didactische opdracht en aanpak in het team bespreekbaar maken.
7.5 De leerkracht kan in Standaardnederlands adequaat in interactie treden met alle leden van het schoolteam.
Attitudes
A1 beslissingsvermogen:
A2 relationele gerichtheid:
A3 kritische ingesteldheid:
A4 leergierigheid:
A5 organisatievermogen:
A6 zin voor samenwerking:
A7 verantwoordelijkheidszin:
A8 flexibiliteit:

Omschrijving van de Doelstellingen van het opleidingsonderdeel

Een aanzet geven tot de didactische vorming van leerkrachten 1ste graad.


- De student gebruikt het leerplan op een correcte manier bij het maken van de stagelessen


- De studenten kunnen een lesvoorbereiding maken, leerinhouden selecteren en lesdoelen formuleren.


- De student streeft naar het gebruik van een probleemstellende titel en/of een aandachtstrekkende instap


- De studenten kunnen de actualiteit in hun lessen integreren.

- De student kan algemene didactische principes (doelstellingen, beginsituatie, instap, vraagstelling, werkvormen, feedback, ....) vertalen, zowel in lesvoorbereidingen als in het lesgeven

- de student kan bronnen kritisch gebruiken om leerinhouden te selecteren

- de student selecteert en gebruikt verschillende leermiddelen / media op een adequate manier

- de student houdt rekening met de opmerkingen en bemerkingen van de mentor / lector

- de student gebruikt een correcte taal

- de student respecteert de met de mentor / lector / stagebegeleider gemaakte afspraken

- de student reflecteert op zijn/haar didactisch handelen

- de student past zijn/haar didactisch handelen aan na reflectie

Omschrijving van de Inhoud van het Opleidingsonderdeel

Observatieverslag
- Stagelessen in de eerste graad ASO of TSO-onderwijs: 4u per stageweek. In totaal zijn er 2 stageweken.
- Stagemap met reflectie

Opsplitsing uren /onderwijswerkvorm

Leer- en evaluatietijd67,00 uren
Stage8,00 uren

Gestructureerd overzicht van Evaluatiemomenten

Evaluatie(s) voor beide examenkansen, niet herhaalbaar in tweede examenkans
MomentVorm%Opmerking
Buiten de examenwekenPermanente evaluatie100,00"De student dient alle onderdelen van het examen af te leggen. Indien één van deze onderdelen, die deel uitmaken voor de berekening van het eindcijfer van het opleidingsonderdeel, niet wordt afgelegd, zal dit automatisch leiden tot de eindscore NA voor het opleidingsonderdeel." Zoals vermeld in het stagevademecum kan de opleiding beslissen om een student niet op stage te laten vertrekken omwille van onder meer volgende redenen: niet naleven van de afspraken (lesvoorbereidingen, stagerooster, ...), onvoldoende kennis van het Nederlands (zie begincompetentie) en/of onvoldoende vakinhoudelijke kennis. De student zal dan onmiddellijk worden geschorst en worden uitgenodigd voor een gesprek in bijzijn van de ombudsvrouw.

Omschrijving Begeleiding

De student stuurt volgens afspraak zijn lesvoorbereidingen door. Op minimaal één van zijn lesvoorbereidingen krijgt de student feedback van de lector alvorens de les zelf wordt gegeven. Tevens is er een feedbackgesprek voorzien waarop elke student zijn lesvoorbereidingen met de lector moet bespreken. Deze gesprekken vinden plaats in de week "voorbereiding stage". Daarnaast kan elke student bijkomend   een afspraak maken met de lector.

Elke student wordt minimaal 1 keer bezocht door de lector tijdens één van zijn stagelessen.

Daarnaast geniet de student begeleiding van zijn mentor.

Bijkomende Kost

0.75