Erasmushogeschool Brussel
Nijverheidskaai 170, B-1070 BRUSSEL
Tel. 02 523 37 37 - Fax 02 523 37 57
info@ehb.be
Atletiek 19902/873/1112/14265/91
Studiegids

Atletiek 1

9902/873/1112/14265/91
Academiejaar 2011-12
Komt voor in:
  • Bachelor in het Onderwijs: Secundair Onderwijs 2 OV, trajectschijf 1
    Keuzeoptie:
    • lichamelijke opvoeding
Dit is een deel van het opleidingsonderdeel LO 1: Individuele bewegingsactiviteiten 1.
Studieomvang: 1 studiepunt
Gewicht: 1,00
Totale studietijd: 25,00 uren
Mogelijke grensdata voor leerkrediet: 30.11.2011 (Eénmalig georganiseerd over het volledige academiejaar)
Dit deel van het opleidingsonderdeel 'LO 1: Individuele bewegingsactiviteiten 1' wordt gequoteerd op 20 (tot op een honderdste).
Tweede examenkans: 
  • wel mogelijk.
  • indien in eerste examenkans niet geslaagd voor opleidingsonderdeel 'LO 1: Individuele bewegingsactiviteiten 1', moet dit deel enkel herkanst worden indien niet geslaagd.
Aard: Verplicht vak
Coördinator: De Decker Steve
Onderwijstalen: Nederlands

Alle studiematerialen excl Handboeken en Syllabi: Verplicht

Logboek atletiek
Cursus: Boek "Atletiek: Methode en Techniek" (G. Van Diest en F. Geeroms)

Alle studiematerialen excl Handboeken en Syllabi: Aanbevolen

Atletiek (J.H. Vermeulen) Atletiek: Lopen - springen - werpen - meerkamp: training, techniek en taktiek (U. Jonath et al.)

Omschrijving Eindcompetenties

Beroepshoudingen:
- Vindt vlot, de nodige gegevens uit cursussen of andere bronnen om techniekbeschrijvingen, reglementering, foutenanalyse, remediëringsoefeningen in het logboek beknopt te formuleren en te bespreken.
- Hij rapporteert en analyseert eigen tekorten en eigen leerproces in het logboek. Hij formuleert de consequenties bij het eigen functioneren (ook in groep) en bij de eigen verworven bewegingskwaliteiten
- Kan omgaan met afspraken zoals datum inleveren logboek, aanwezigheid en datum inleveren lesvoorbereiding voor opwarming.
- Kan met beperkte opdracht een groepsrol inhoudelijk opnemen (als observator, lesgever, helper) in een taakgestuurde omgeving en kan planmatig werken door de vooraf afgesproken rol stipt op te nemen.
- Kan leiding nemen en beschikt over de nodige verbale en non-verbale communicatievaardigheden bij het geven van de opwarming in een “micro-teaching setting”.
- Toont zich leer- en aanpassingsbereid met betrekking tot het eigen functioneren en de sportspecifieke interesse. Algemene beroepsgerichte competenties
- Werkt mee bij het realiseren van oefensituaties en kan anderen bijsturen in functie van éénvoudige technische en tactische opdrachten.
- Handelt correct en respectvol ten aanzien van zijn/haar omgeving (lectoren, medeleerlingen, materieel, accommodatie) en van de bestaande regels (sportreglementering, fair-play) en afspraken (hygiëne, kledij, stiptheid, orde, netheid).Kan deze waarden bespreekbaar maken Beroepsspecifieke competenties

Basiscompetenties:
BC 3.1.1 De leraar als inhoudelijk expert:
- Beheerst de individuele bewegingsactiviteiten die in het lager en secundair onderwijs, onderwezen moeten worden. (technische en conditionele aspecten, lichaamsbesef, tijd- en ruimtebesef, coördinatievermogen).
- Kan de bewegingsactiviteiten demonstreren.
- Kan de bewegingsactiviteiten technisch analyseren mede aan de hand van het logboek.
- Kan in het kader van taakgericht werken zelfstandig gaan oefenen indien nodig.
- Houdt rekening met feedback en notities in logboek.
- Kan verbanden leggen tussen theorie, sportpraktijk en onderwijsopdrachten om "Lichamelijke Opvoeding" te begrijpen als een leergebied dat bijdraagt tot ontwikkeling van motorische competenties, een fitte en veilige levensstijl , sociaal functioneren en ontwikkelen van een positief zelfbeeld.

Omschrijving van de Doelstellingen van het opleidingsonderdeel

Introductie in de atletiek: Student beheerst motorisch de vaardigheden die in het lager en secundair onderwijs onderwezen moeten worden (technische aspecten, lichaamsbesef, tijd- en ruimtebesef, coördinatievermogen).
Kan de bewegingsactiviteiten demonstreren.

Omschrijving van de Inhoud van het Opleidingsonderdeel

Atletiek a) Praktijk Minimacriteria en demonstraties technieken 1.Verspringen: jongens: 4m80 meisjes: 3m80. Hoogspringen jongens: 1m35 meisjes: 1m20. Kogelstoten: jongens: 8m met kogel van 6 kg meisjes: 7m met kogel van 4kg. Horden (aantal 2) hoogte jongens: 85 cm hoogte meisjes: 76 cm afstand startlijn tot eerste horde: jongens: 13 m meisjes: 12 m tussenafstand horden: jongens: 8m50 meisjes: 7m50 N.B.: Het niet behalen van dit minimumcriterium heeft voor gevolg dat de student(e) de punten behaald op het techniekexamen voor deze discipline verliest. 5. Cooper-test: 12 min. test in meter jongens Puntenschaal/10 Meisjes 3.300m 20 3.100m 3.250m 18 3.050m 3.200m 16 3.000m 3.150m 14 2.950m 3.100m 12 2.900m 3.050m 10 2.850m 3.000m 8 2 800m 2.950m 6 2.750m 2.900m 4 2.700m 2.850m 2 2.650m 2.800m 0 2.600m N.B.: Het niet behalen van dit minimumcriterium heeft voor gevoIg dat de student(e) de punten behaald op het techniekexamen voor alle disciplines verliest. b) Methodiek Bewegingsverlopen en aandachtspunten van de technieken Methodische oefenstofopbouw en foutenanalyse. Lopen – start – hindernislopen – aflossing – hoogspringen - Fosbury-Flop - verspringen: de hangsprongtechniek – kogelstoten - speerwerpen (Schouderworp met tennisbal)

Opsplitsing uren /onderwijswerkvorm

Werkcollege15,00 uren
Leer- en evaluatietijd10,00 uren

Omschrijving Onderwijsorganisatie (tekst)

Werkcollege

Gestructureerd overzicht van Evaluatiemomenten

Evaluatie(s) voor de eerste examenkans
MomentVorm%Opmerking
Examenmoment juniPermanente evaluatie80,00De score zal vermenigvuldigd worden met de procentuele aanwezigheidsgraad.
Het rekenkundig gemiddelde conform de verdeelsleutel is geldig indien de student minimum 8 op 20 scoort op respectievelijk theorie en praktijk, zo niet wordt het laagste cijfer toegekend.


Aangezien dit een vak met verplichte aanwezigheid is, zal het totaalpunt vermenigvuldigd worden met de procentuele aanwezigheidsgraad.
Examenmoment juniSchriftelijk examen20,00De score zal vermenigvuldigd worden met de procentuele aanwezigheidsgraad.
Het rekenkundig gemiddelde conform de verdeelsleutel is geldig indien de student minimum 8 op 20 scoort op respectievelijk theorie en praktijk, zo niet wordt het laagste cijfer toegekend.


Aangezien dit een vak met verplichte aanwezigheid is, zal het totaalpunt vermenigvuldigd worden met de procentuele aanwezigheidsgraad.
Evaluatie(s) voor de tweede examenkans
MomentVorm%Opmerking
Examenmoment augustus/septemberPermanente evaluatie80,00De score zal vermenigvuldigd worden met de procentuele aanwezigheidsgraad.
Het rekenkundig gemiddelde conform de verdeelsleutel is geldig indien de student minimum 8 op 20 scoort op respectievelijk theorie en praktijk, zo niet wordt het laagste cijfer toegekend.


Aangezien dit een vak met verplichte aanwezigheid is, zal het totaalpunt vermenigvuldigd worden met de procentuele aanwezigheidsgraad.
Examenmoment augustus/septemberSchriftelijk examen20,00De score zal vermenigvuldigd worden met de procentuele aanwezigheidsgraad.
Het rekenkundig gemiddelde conform de verdeelsleutel is geldig indien de student minimum 8 op 20 scoort op respectievelijk theorie en praktijk, zo niet wordt het laagste cijfer toegekend.


Aangezien dit een vak met verplichte aanwezigheid is, zal het totaalpunt vermenigvuldigd worden met de procentuele aanwezigheidsgraad.

Omschrijving Begeleiding

Na afspraak
Na de les

Bijkomende Kost

0.25